Ik krijg geld: wat gebeurt er met mijn toeslagen?

Getty Images

U wint de jackpot, ontvangt een schenking of krijgt een erfenis. Van niets op de bank heeft u ineens een ton op uw spaarrekening. Worden dan niet al uw toeslagen en uitkeringen afgepakt?

Er zijn allerlei manieren ineens veel geld uw bezit te krijgen. Naast winst in de loterij bijvoorbeeld een flinke schenking, of een erfenis. Of u verkoopt uw huis. Maar al dat vermogen op uw rekening heeft consequenties voor sommige overheidstoeslagen en subsidies? Kost het krijgen van het extra vermogen u geld op andere fronten?

In dit artikel licht Geld & Recht voor alle toeslagen en uitkeringen toe wat de gevolgen zijn van erfenis, schenking, of het winnende lot uit de loterij.

Eenmalige heffing

Op het moment dat u een bedrag in handen krijgt, wordt daar vaak eenmalig een speciale belasting over geheven. Welke, dat hangt af van de bron van het geld. Bedeelt een gulle gever u met een mooi bedrag, dan betaalt u schenkingsrecht, over een erfenis zijn successierechten verschuldigd, de kansspelbelasting pikt de nodige graantjes mee van uw jackpot. De opbrengst van de verkoop van een huis is niet belast.

Nadat deze heffingen betaald zijn, zijn er in de jaren daarna nog andere consequenties. Daar concentreren we ons op in dit stuk.

Belasting: u betaalt 1,2 % per jaar.

Als u met uw ontvangen of gewonnen geld boven een bepaalde grens komt, betaalt u voortaan over het meerdere vermogensrendementsheffing (belasting in box 3). Die bedraagt 1,2% per jaar. Dat is niet overdreven veel: als u het geld op een goede spaarrekening zet, dan wordt het met rente nog steeds elk jaar meer, ook na aftrek van vermogensbelasting. De rente of andere rendementen die u haalt, hoeft u niet verder op te geven als inkomen: na betalen van de 1,2% is de kous af voor uw vermogen en alle winst die u er mee maakt.

De grens is ongeveer 20.000 euro, voor ouderen meer, afhankelijk van het inkomen. De grens wordt elk jaar opnieuw vastgesteld. U vindt de precieze, actuele stand op de site van de Belastingdienst.

Bijstand: geen uitkering meer, tot u het geld opgemaakt hebt

Wie een groot geldbedrag ontvangt en tegelijkertijd een bijstandsuitkering heeft, moet dit melden aan de Sociale Dienst. Is uw vermogen te hoog, dan dient u dit eerst op te maken. Niet zomaar ineens, maar langzaamaan. De Sociale Dienst bepaald hoelang u van het extra geld zou moeten kunnen leven, en stopt de bijstand voor die periode.

Voor alleenstaanden ligt de grens in 2007 op maximaal 5245 euro, gehuwden of samenwonenden mogen het dubbele bezitten. Bedraagt uw vermogen dus bijvoorbeeld 9000 euro, dan moet u eerst 3755 euro opsouperen voordat uw uitkering kan worden voortgezet. Onder vermogen valt overigens niet alleen spaargeld, maar ook luxe artikelen als auto’s of caravans.

WW, WIA, AOW, pensioen

Deze uitkeringen hebben gemeen dat het verzekeringen zijn, waarvoor u tijdens uw leven premie hebt betaald. U heeft dus recht op de uitkering, ongeacht uw vermogen.

Zorgtoeslag: gevolgen bij grote bedragen

Zorgtoeslag is afhankelijk van het inkomen. Er wordt op zich niet gekeken naar uw vermogen, maar uw inkomen stijgt wel als u heel veel geld op de bank krijgt. U krijgt namelijk rendement op uw vermogen, waarvoor u een vast percentage van 4% van dat vermogen moet optellen bij uw jaarinkomen.

Voor de aanvraag zorgtoeslag is het toetsingsinkomen dat u moet opgegeven gelijk aan het verzamelinkomen. In dit inkomen telt uw inkomsten in box 1 (loon, pensioen e.d.), box 2 en box 3 (inkomen uit rendement op vermogen) op. Op dit verzamelinkomen wordt uw zorgtoeslag gebaseerd.

Helemaal kwijtraken doet u de zorgtoeslag pas als u boven de € 26071 (2008) verzamelinkomen komt. Een rentenier, met € 0 inkomsten uit loon, zou aan die € 26071 euro komen, als hij een vermogen heeft van iets minder dan €700.000.

Meer informatie: www.toeslagen.nl.

Huurtoeslag: gevolgen boven een grens.

U hebt geen recht op huurtoeslag meer, wanneer uw vermogen met vermogensrendementsheffing (box 3) is belast. Dat is het geval, wanneer u meer dan een bepaalde grens bezit (ongeveer 20.000 euro). Voor meer informatie over de belasting op uw vermogen, zie onder het kopje Belasting in dit artikel.

In sommige gevallen kan het zijn dat u geen vermogensrendementheffing betaalt, en toch geen huurtoeslag krijgt. Geld dat u steekt in maatschappelijke beleggingen en durfkapitaal is voor de belasting af te trekken van het vermogen, maar niet voor de berekening van de huurtoeslag.

Meer informatie: www.toeslagen.nl.

Studiebeurs: gevolgen boven een hoge grens

Pas bij zeer grote bedragen aan erfenis of schenking komt de basisbeurs in gevaar.

Studenten mogen niet al te veel bijverdienen, anders verliezen ze het recht op studiefinanciering. Per jaar mag dat maximaal zo'n 10.000 euro zijn. Een erfenis, schenking of loterijprijs hoeft u op zich niet bij de verdiensten op tellen. Inkomsten uit rendement op het verworven geld echter wel.

De Belastingdienst beschouwt een percentage van 4% van uw vermogen als het inkomen wat u uit het verworven geld haalt. Bij de Belastingdienst haalt de IB Groep zijn gegevens.

Pas als u meer dan 250.000 euro heeft, dan heeft u dus een inkomen van 10.000 euro uit rendement, en krijgt u geen studiefinanciering. Op zich hoeft dat geen probleem te zijn, als u zoveel geld krijgt. Een probleem ontstaat wel als u goederen erft, zoals een schilderij of een huis, die meer dan 250.000 waard zijn. Ook zulk bezit beschouw de Belastingdienst als een bron van rendement, hoewel u daar natuurlijk niets in handen van krijgt. Tenzij u de goederen verkoopt. Columnist Aniel Autar schreef een column over deze kwestie.

Bovenop de basisbeurs komt soms nog een aanvullende beurs. Deze krijgt u uiteraard ook niet, als het inkomen, of loon uit vermogen, boven de 10.000 ligt. Voor de aanvullende beurs geldt wel een inkomenseis voor de ouders. Hun vermogen is echter niet van belang.

Meer informatie: www.ibgroep.nl.

Auteur