Merkmedicijn helemaal zelf betalen

Als we een duurder alternatief medicijn willen, krijgen we niets vergoed van de verzekering? Klopt dat wel?

Mijn echtgenote slikt al jarenlang op doktersadvies het merkmedicijn Selokeen ZOC, een hartmedicijn.  Nu moet ze een goedkoper alternatief slikken. Omdat ze zich daar niet prettig bij voelt, kiezen we toch voor het dure geneesmiddel. De extra kosten betalen we dan bij. Maar nu blijkt dat we helemaal niks meer terug krijgen van de verzekering. Is dat juist?

Er zijn vele tienduizenden mensen die gehecht zijn aan hun merkgeneesmiddel, maar toch moeten overstappen op een goedkopere variant. Uw verzekeraar Agis kan zich goed voorstellen dat dat lastig is. ‘Maar’, zegt Agis mij, ‘het gaat uiteindelijk om de werkzame stof, metropolol is dit geval, en die is bij beide medicijnen hetzelfde.’
Als een patent van een merkgeneesmiddel afloopt, mogen andere fabrikanten het namaken. Ze kunnen het veel goedkoper op de markt brengen, omdat ze geen hoge ontwikkelingskosten hoeven door te berekenen. Er kan natuurlijk wel verschil zijn in de hulpstoffen, waarmee de werkzame stof wordt aangevuld om er een tablet, poeder of capsule van te maken. Maar dat heeft volgens deskundigen niets te maken met de kwaliteit;  de ene hulpstof is niet beter dan de andere. 

Als u een merkgeneesmiddel toch wilt slikken, kan dat alleen als er sprake is van medische noodzaak en wordt het volledig vergoed. Anders moeten patiënten het geheel zelf betalen en dus niet alleen het verschil.

Auteur 
Bron 
  • geldenrecht.nl